Achtergrond, Internet & economie, nrc.next

Cyberdieven stelen steeds vernuftiger, zegt internetbedrijf Cisco

Een internetcrimineel kan met relatief weinig technische kennis tussen 3.500 en 7.000 euro per week verdienen. Dat blijkt uit een dinsdag verschenen verslag van Cisco.

Rotterdam. Een vriend op Facebook voegt een bericht toe met een interessant ogende link. Je klikt erop, want je vertrouwt hem. Helaas is niet je Facebook-vriend, maar een internetcrimineel verantwoordelijk voor het bericht. De link leidt naar een website die een programmaatje op je computer installeert. Dat stuurt je bankgegevens en creditcardnummers door naar de cybercrimineel.

Gebruikers van sociale netwerksites als Facebook en Twitter zijn niet meer veilig voor phishing, een vorm van internetfraude waarbij slachtoffers naar sites worden gelokt die persoonlijke gegevens stelen. Cybercriminelen gaan daarbij steeds vernuftiger te werk, blijkt uit een deze week gepubliceerd rapport van Cisco, een Amerikaanse fabrikant van netwerkapparatuur.

Doorgaan met lezen “Cyberdieven stelen steeds vernuftiger, zegt internetbedrijf Cisco”

Achtergrond, Censuur en controle, Internet & politiek, NRC Handelsblad, nrc.next

De nieuwe muur is een cybermuur

Grenzeloos web wordt alom betwist territorium

De onderdrukking van de vrijheid van meningsuiting op internet groeit. Wie is daar verantwoordelijk voor? Autoritaire regimes? Of de softwaremakers?

Rotterdam, 30 juni. Als het aan de kritische Chinese kunstenaar Ai Weiwei ligt, is het morgen stil op de Chinese digitale snelweg. De ontwerper van het Olympische ‘Vogelnest’-stadion heeft opgeroepen tot een 24-uursboycot van het internet op 1 juli. Dan wordt het omstreden internetfilter Green Dam verplicht op nieuwe pc’s, dat controleert of bezochte websites pornografie en politiek gevoelig materiaal bevatten. De boycot is een stil protest tegen de groeiende onderdrukking van de vrijheid van meningsuiting op internet.

Maar ‘netizens’ (internetburgers) staan niet meer alleen. Ook buiten de virtuele wereld wordt steeds meer geprobeerd om internetcensuur te bestrijden. De vraag is wie er verantwoordelijk moet worden gesteld: de veelal autoritaire regimes van de landen waar internetcensuur plaatsvindt – of de bedrijven die de techniek leveren.

Doorgaan met lezen “De nieuwe muur is een cybermuur”

Achtergrond, Internet & economie, NRC Handelsblad, nrc.next

Londen staat meegluren adverteerders toe, Brussel eist actie

Heel toevallig die advertentie

Door Jan Benjamin en Peter Teffer

Het bedrijf Phorm laat adverteerders ongemerkt meegluren op internet. Londen is akkoord. Brussel vindt dat internetters toestemming moeten geven.

Amsterdam. Britse internetgebruikers die zich zorgen maken over hun privacy, vinden voorlopig meer bescherming bij de EU in Brussel dan in hun eigen land. Van ‘Londen’ mogen adverteerders namelijk meegluren met consumenten op het web, van ‘Brussel’ niet.

Uiterlijk zondag moet de regering in Londen reageren op kritiek van de Europese Commissie dat zij Europese privacyregels schendt. Maar dat antwoord komt er waarschijnlijk niet. De regering in Londen vindt de eigen wetten voor gegevensbescherming afdoende, net als het toezicht daarop. Met dat argument legden de Britten in mei al een petitie naast zich neer van 21.000 Britse internetgebruikers onder wie Sir Tim Berners-Lee, de uitvinder van het world wide web. Als de Britse regering zijn privacywetgeving niet aanpast, kan de Commissie dat uiteindelijk proberen af te dwingen bij het Europese Hof van Justitie.

Doorgaan met lezen “Londen staat meegluren adverteerders toe, Brussel eist actie”

Interview, NRC Handelsblad, nrc.next, Overige

Interview met econoom Richard Rahn over het einde van contant geld

Mobieltje als portemonnee

De Amerikaanse econoom Richard Rahn voorspelde tien jaar geleden in zijn boek The End of Money and the Struggle for Financial Privacy dat binnen twee decennia papier- en muntgeld vrijwel geheel zou verdwijnen.

We zijn halverwege. Voltrekken de ontwikkelingen zich zoals verwacht?

„Ik gaf in het boek veel aandacht aan smart cards [oplaadbare kaarten met een microchip, bijvoorbeeld Chipknip, red.]. Ik dacht dat deze een groot succes zouden worden, omdat de gebruiker daarmee meer financiële privacy heeft dan met creditcards. Als ik het boek nu zou herschrijven, zou ik veel meer nadruk leggen op mobiele telefoons. Het is duidelijk dat de portemonnee van de toekomst waarschijnlijk een telefoon of Blackberry zal zijn.”

Doorgaan met lezen “Interview met econoom Richard Rahn over het einde van contant geld”

NRC Handelsblad, nrc.next, Overige, Reportage

Contant geld in verdrukking

Klein bedrag? Pinnen moet

Het aantal contante betalingen is de afgelopen jaren flink gedaald. Gevaar is dat pinnen leidt tot meer uitgeven: je voelt de pijn van het betalen minder.

ALMERE. Op een zonnige woensdagochtend zet Hendrik van Dam (71) zijn fiets op slot voor de ingang van supermarkt C1000 in Almere-Haven. Even een paar biertjes halen voor het voetballen vanavond. Van Dam heeft „12, 13 euro” in zijn zak. „Ik betaal meestal contant. Ik vind het prettig om overzicht op mijn uitgaven te hebben”, zegt de gepensioneerde boekhouder.

In de supermarkt die hij bezoekt, kan hij nog maar bij twee van de zes kassa’s met contant geld betalen. En dat wordt alleen maar minder. Almere is sinds een half jaar een financiële proeftuin. Supermarkten en andere winkels proberen hun klanten over te halen met een betaalpas te betalen in plaats van met contant geld. De winkels zijn regelmatig slachtoffer van overvallen en willen om die reden de hoeveelheid contant geld terugdringen.

Doorgaan met lezen “Contant geld in verdrukking”

Nieuws, NRC Handelsblad, Overige

Paniek om vliegtuig New York

New York, 28 april. Een fotoshoot met een van de twee Amerikaanse presidentiële vliegtuigen heeft gisteren in New York voor paniek gezorgd. De Boeing 747 vloog, onder begeleiding van een F-16 straaljager, vlak langs het Vrijheidsbeeld en riep daarmee associaties op met de aanslagen van 11 september 2001.

Duizenden mensen in Manhattan renden hun kantoorgebouwen uit, de straat op. „Ik dacht dat er een of andere aanval was”, zei een kantoormedewerker tegen The New York Times.

Doorgaan met lezen “Paniek om vliegtuig New York”

Achtergrond, Internet & politiek, NRC Handelsblad, nrc.next

Zes tips om online campagne te voeren voor het Europees Parlement

Voer de strijd om Europa à la Obama

Rotterdam, 9 april. Als Barack Obama het kan, waarom Hans van Baalen dan niet, of Dennis de Jong? De Amerikaanse president heeft in zijn verkiezingscampagne vorig jaar veel nieuwe kiezers weten te bereiken via internet. Sommige bloggers, zoals Ariana Huffington van het invloedrijke linkse weblog The Huffington Post, zeggen zelfs dat Obama president is geworden dankzij zijn gelikte onlinecampagne. Het is opgevallen, ook in Europa. Microblogsite Twitter kreeg er de afgelopen weken flink wat kandidaat-Europarlementariërs bij en YouTube wordt gevuld met partijfilmpjes. In juni zijn de verkiezingen voor het Europees Parlement, traditioneel een stembusgang die niet veel belangstelling krijgt. Wat kunnen kandidaat-Europarlementariërs leren van Obama om ‘Europa’ aantrekkelijker te maken?

Zorg dat je overal aanwezig bent

Het aantal sociale netwerksites (zie inzet Web 2.0) is de laatste jaren flink gegroeid. De nu immens populaire sites YouTube (video), Twitter (berichten van maximaal 140 tekens) en Hyves (contact met vrienden onderhouden via berichten en foto’s) bestonden niet eens bij de vorige Europese verkiezingen, vijf jaar geleden. Facebook en MySpace stonden nog in de kinderschoenen. Naast de algemene netwerksites zijn er ook varianten met een specifieke doelgroep: netwerksites voor Afro-Amerikanen, jazzliefhebbers, hockeyfans, noem maar op. Volgens An de Jonghe, blogger en auteur van het boek Social Networks Around The World, begreep Obama dat zijn boodschap moest klinken op elk van die sites, omdat die allemaal een andere doelgroep aanspreken.

Herman Beekers, webmaster van de SP, merkt dat de laatste tijd websites als iGoogle en Netvibes in opmars zijn. Op die sites kan de gebruiker zijn eigen startpagina indelen met kleine programmaatjes – zogeheten widgets – die bijvoorbeeld het weer voorspellen of het laatste nieuws tonen. „Naarmate zoiets meer aanslaat, moeten wij met onze boodschap ook op die sites komen”, zegt Beekers. Zo heeft de SP op Hyves een widget met nieuwsberichten over de partij. Andere Hyvers zetten die widget op hun eigen pagina en vervolgens worden de SP-standpunten gratis verspreid.

Gebruik het web om vrijwilligers te werven

Obama’s campagne maakte niet alleen slim gebruik van internet om mensen te informeren, maar vooral om vrijwilligers aan zich te binden. Het kwam voor dat zijn officiële campagneteam aankwam in een staat waar vrijwilligers al weken op eigen houtje bezig waren met activiteiten.

Volgens de campagneleider van GroenLinks, Jaap de Bruijn, is het werven en binden van vrijwilligers het belangrijkste onderdeel van de internetstrategie van zijn partij. „Je kunt zeggen over een politicus: die heeft maar duizend ‘volgers’ op Twitter, die bereikt dus niet veel mensen. Maar het effect is veel groter, omdat die volgers de berichten doorpubliceren. Het werkt als een sneeuwbal.” Het bijzondere van die bottom-up-activiteiten is precies het onvoorspelbare eraan: ze laten zich niet organiseren. Als partij kun je alleen het gereedschap beschikbaar stellen waar mensen zelf een minicampagne mee kunnen voeren, zoals die widgets.

Wees niet bang de controle te verliezen

Web 2.0 bestaat per definitie uit inhoud gemaakt door ‘de man op straat’ en is wars van hiërarchie. Als allerlei vrijwilligers hun eigen minicampagne gaan voeren, kan dat ertoe leiden dat een politicus de controle verliest. Volgens de Belgische blogger De Jonghe is dat een van de redenen waarom in haar land politici nog weinig gebruikmaken van sociale netwerksites. „Ik denk dat veel politici redeneren: mijn mening houd ik eenrichtingsverkeer, dan beheers ik mijn imago.”

GroenLinkser De Bruijn relativeert de angst voor een wildgroei aan bloggers die uit de pas lopen. „In het echte leven heb je dat ook. Een GroenLinks-lid kan op een verjaardag heel goed een andere mening verkondigen dan het partijstandpunt.”

Gebruik video – het is gratis zendtijd

Een video die op internet wordt bekeken is waardevoller dan een reclamespot die op televisie voorbijkomt, omdat in het eerste geval de kijker ervoor gaat zitten – zijn vrienden hebben immers gezegd dat het de moeite waard is. Het voordeel van videowebsite YouTube is dat een filmpje gemakkelijk in een ander weblog op te nemen is (‘embedden’) en – als het goed genoeg is – zich gratis over internet verspreidt.

D66 heeft sinds oktober vorig jaar een kanaal op YouTube. Lijsttrekker Sophie in ’t Veld: „Je kunt de tekst van mijn speeches op het D66-congres wel op een website zetten, maar dat leest geen kip, behalve mijn moeder. Maar die filmpjes, dat is visueel en dus veel toegankelijker.”

Een andere manier om video te gebruiken is door een zogeheten viral te starten, een fenomeen dat vooral in de marketing wordt gebruikt. Mensen worden via e-mail uitgenodigd om op een website de video te bekijken. Meestal wordt het filmpje gepersonaliseerd, zodat de naam van de geadresseerde (ingevuld door de afzender) er onderdeel van uitmaakt. De SP maakt al enkele jaren gebruik van deze techniek, waarbij op het einde van een filmpje de geadresseerde persoonlijk wordt aangesproken om de partij te steunen.

Richt je op de inhoud en houd het lokaal

Wat niet gemakkelijk te kopiëren is door Europese verkiezingscampagnes, is de persoonlijkheidscultus rondom Obama. Partijen sturen in de regel niet hun sprankelendste kandidaat naar Brussel. De ‘charismafactor’ ontbreekt, zegt Ruth Spencer, een Canadese journalist die bij het European Journalism Center in Maastricht verantwoordelijk is voor een groot Europees weblogproject. „Als je geen opzwepende lijsttrekker hebt, richt je dan op de issues. En houd het lokaal. Laat zien dat onderwerpen in het Europees Parlement effect hebben in je achtertuin.”

Ook An de Jonghe benadrukt het belang van thema’s. „Voor de meeste burgers is Europa een ver-van-mijn-bedshow. Je moet je op een aantal thema’s concentreren, zoals landbouw of subsidies. Begin te bloggen over die thema’s, zodat mensen die via zoekmachines naar dat thema zoeken, op je blog terechtkomen.” Ook kan een blog onbekende kandidaten bekendheid geven. „Je stemt nog altijd op mensen. Kiezers willen zich identificeren met personen.”

Je kunt niet alles oplossen met web 2.0

Een goede internetcampagne is geen garantie voor electoraal succes. Ook het Amerikaanse Congreslid Ron Paul, die de Republikeinse presidentskandidaat wilde worden, maakte veelvuldig gebruik van netwerksites. Toch hadden de Republikeinen meer vertrouwen in John McCain. De Jonghe relativeert: „Web 2.0 is niet het antwoord om snel en zonder moeite gekozen te worden.”

D66-lijsttrekker In ’t Veld is op diverse netwerksites te vinden. Ze blogt op haar eigen site, en die stukjes worden door medewerkers doorgeplaatst op Hyves en Facebook. Sinds kort maakt ze gebruik van Twitter. „Het is wel aardig, maar je moet oppassen dat het niet al te oppervlakkig wordt. Je moet je niet blind staren op de techniek. Het heet nieuwe media, het is een middel. Uiteindelijk moet het toch ergens over gaan.”

Van een aantal partijen is op internet nog weinig te vinden over de Europese verkiezingen. De PVV heeft geen kandidaten op Hyves en op Twitter is het tevergeefs zoeken naar VVD-lijsttrekker Hans van Baalen. Dat komt wel, zegt VVD-campagnemanager Boudewijn Revis. „De VVD zal eind april een flinke sprong maken. Volgens mij zijn mensen nu nog helemaal niet bezig met de verkiezingen.”

Web 2.0

Obama’s campagneteam maakte op internet vooral gebruik van sociale netwerksites, oftewel web 2.0. Dit zijn websites waarvan de inhoud vooral wordt aangeleverd door de gebruikers. Voorbeelden zijn Facebook, YouTube, MySpace en Twitter. Het internet bestaat uit tal van kleine clubjes. Obama probeerde elk van die groepjes aan te spreken. De drie hoofddoelen van de internetcampagne waren:

  • de politieke boodschap verspreiden
  • vrijwilligers werven en organiseren
  • financiële donaties werven

Gepubliceerd op 9 april 2009 in nrc.next en NRC Handelsblad.

Achtergrond, Internet & politiek, NRC Handelsblad

Verhagen twittert: ‘Kop koffie met Clinton’

Als een van de gastheren van de Afghanistanconferentie heeft minister Maxime Verhagen (CDA, Buitenlandse Zaken) een drukke dag, maar niet te druk om het Nederlandse publiek te laten meegenieten van ontmoetingen met zijn hoge collega’s. Via zijn persoonlijke pagina op de populaire website Twitter houdt hij al langer zijn ‘volgers’ op de hoogte van wat hij doet door met zijn mobiele telefoon berichten (maximaal 140 tekens) en foto’s naar de pagina te sturen. Ook vanochtend.

„Met Clinton gesproken, kop koffie in de NL delegatiekamer, verder ministers ontvangen”, schreef hij vanochtend. De minister kan niet alle vertegenwoordigers van de ruim zeventig aanwezige landen ontvangen, schreef hij in een antwoord op een van zijn lezers. „Dat zou ondoenlijk zijn, alleen de hoofdgasten president Karzai en dadelijk secretaris-generaal van de VN Ban Ki-Moon.”

Was hij niet zenuwachtig om al die belangrijke mensen te ontvangen? „Nee daar heb ik het vandaag veel te druk voor.” Voor twitteren heeft Verhagen wel tijd. Direct na zijn toespraak liet hij weten dat er „nieuwe energie voelbaar [is] in de zaal over Afghanistan”. Volger Anne de Jong heeft nog wel een tip voor hem: „@MaximeVerhagen je moet wel een beetje opletten en niet de hele tijd twitteren natuurlijk.”

Peter Teffer

Gepubliceerd op 31 maart 2009 in NRC Handelsblad.

Achtergrond, nrc.next, Overige

Nederlandse kranten probeerden al eerder het publieke bestel open te breken

De ironie van deze geschiedenis is herhaling

Op 1 april wordt bekend of, en welke, nieuwe publieke omroepen er bij komen. Vijftig jaar geleden waren het ook de kranten die probeerden zendtijd te krijgen.

Nog een week en we weten welke nieuwe publieke omroepen Nederland er vanaf 2010 mogelijk bij krijgt Wordt het PowNed, de omroep van nieuwsblog GeenStijl.nl? Of Wakker Nederland, het initiatief van De Telegraaf? Allebei misschien?

Mocht het PowNed en/of Wakker Nederland worden, dan zou je dat met enig recht de ironie van de geschiedenis kunnen noemen. Want het waren halverwege de jaren vijftig de kranten die als een van de eersten probeerden het publieke bestel binnen te komen.

Tijd voor een korte geschiedenis van het bestel.

Doorgaan met lezen “Nederlandse kranten probeerden al eerder het publieke bestel open te breken”